Brandverzekering

De brandverzekering is ruimer dan enkel een brandwaarborg. De verzekering verleent ook dekking voor vele andere bedreigingen voor het vermogen, zoals ontploffing, storm, hagel, waterschade... Het doel van de brandverzekering is drieledig:

  • De brandverzekering laat je toe om, als verzekerde eigenaar, in geval van een gedekt schadegeval, een vergoeding te bekomen die je in staat stelt het gebouw te herstellen, terug op te bouwen of een ander gebouw aan te kopen.
  • Als verzekerde huurder kun je een beroep doen op de dekking van je aansprakelijkheid ten aanzien van de eigenaar.
  • Beiden kunnen een vergoeding bekomen om het gebouw en/of de inhoud te herstellen of te vervangen als het getroffen wordt door een gedekt gevaar.

Wij raden dus niet alleen de eigenaars, maar ook de huurders van gebouwen aan om het gebouw en de inhoud ervan te verzekeren.

Verplichte minimale waarborg

Er zijn een aantal wettelijk verplichte minimumwaarborgen die in elke brandverzekering moeten aanwezig zijn (KB’s van 24 december 1992 en 16 januari 1995). Elke maatschappij is bijvoorbeeld verplicht om aan elk van haar cliënten (eigenaars of huurders) een stelsel tot afschaffing van de evenredigheidsregel of een evaluatierooster voor te stellen om het te verzekeren bedrag als eigenaar of huurder van een woning te bepalen. De maatschappij bepaalt wel zelf de naam en de inhoud van de systemen die ze aanbiedt.

Te verzekeren bedrag

Als eigenaar of huurder kun je rekenen op een grote zekerheid: bij een schadegeval zal de maatschappij de volledige schade ten laste nemen, zonder het bedrag van de tussenkomst te kunnen beperken door te stellen dat het voor het gebouw verzekerde bedrag onvoldoende is.

Maatschappijen bieden ook vaak een systeem aan voor de verzekering van de inhoud (meubels, kledij, schilderijen…). Het maximaal te vergoeden bedrag wordt vastgelegd in de polis.

Basiswaarborg

Vrijwel elke brandpolis voorziet in een vergoeding voor de verzekerde goederen als ze worden beschadigd ten gevolge van een van de volgende gevaren.

  • Brand: de verzekeraar vergoedt de verzekerde goederen die beschadigd worden door brand. Onder brand verstaan we: de aanwezigheid van vlammen, de vernietiging van voorwerpen die niet bestemd zijn om te branden, een uitbreidingsmogelijkheid en de vaststelling dat de vlammen zich buiten hun normale ruimte bewegen. Pure overmatige hitte, schroeivlekken en de vernietiging van voorwerpen in of op een vuurhaard gelden niet als brand. Ook de schade door een explosie, implosie, rechtstreekse blikseminslag of het ontsnappen van rook of roet uit een verwarmings- of keukentoestel is gedekt in de brandwaarborg.
  • Botsen tegen de verzekerde goederen: de verzekeraar vergoedt de schade die werd veroorzaakt door een contact met landrijtuigen, luchtvaartuigen en dieren. Sommige contracten dekken ook de val van bomen of pylonen of van delen van het gebouw.
  • Onroerende schade door dieven: de verzekeraar vergoedt de schade die dieven aan het gebouw veroorzaken. Sommige contracten dekken ook schade ten gevolge van vandalisme en kwaadwilligheid.
  • Elektriciteit: de verzekeraar vergoedt de schade aan elektrische en elektronische toestellen door kortsluiting, overspanning, inductie of een onrechtstreekse blikseminslag.
  • Storm, hagel, sneeuw- en ijsdruk: volgens het KB veronderstelt een storm ofwel een gemeten windsnelheid van minstens 100 km/u (door veel maatschappijen teruggebracht tot 80 km/u), ofwel door de wind veroorzaakte schade aan andere goederen van gelijkwaardige weerstand binnen een straal van 10 km.
  • Arbeidsconflicten en aanslagen: verzekeraars zijn door het KB verplicht om dekking te verlenen voor schade naar aanleiding van staking, oproer, terrorisme en sabotage.
  • Waterschade: verzekeraars vergoeden de schade door het wegvloeien van water uit de hydraulische installaties ten gevolge van een breuk, een barst of het overlopen van de installaties, en het insijpelen van water langs het dak. De waarborg kan ook uitgebreid worden voor schade door het wegvloeien van stookolie uit een centrale verwarmingsinstallatie.
  • Glasbreuk: de verzekeraar vergoedt de materiaal- en plaatsingskosten om gebroken ruiten, spiegels, doorzichtige of doorschijnende plastic panelen te vervangen – ongeacht de omstandigheden van de glasbreuk.
  • Natuurrampen: elke brandverzekeraar vergoedt de schade ten gevolge van een natuurramp (overstroming, aardbeving, overlopen of opstuwen van openbare riolen, aardverschuiving of grondverzakking). Er zijn delen van het gebouw die wettelijk mogen worden uitgesloten van de waarborg (bv. de bijgebouwen, de kelders en hun inhoud…).
    De verzekeraar beslist vrij welke goederen hij verzekert volgens zijn eigen voorwaarden (vaak een ruimere waarborg dan de wettelijke waarborg aan een verlaagd tarief en vrijstelling) en welke goederen hij verzekert volgens de voorwaarden van het Tariferingsbureau (een aanbod van de wettelijk voorziene waarborg, een vaste premievoet van 0,90% en toepassing van een vrijstelling van € 610).
  • Burgerlijke aansprakelijkheid gebouw: als het verzekerde gebouw of de inhoud ervan schade veroorzaakt aan een derde, verdedigt deze aansprakelijkheidsverzekering de belangen van de verzekerde wanneer zijn aansprakelijkheid in het gedrang komt.
  • Bijstand woning: deze dekking heeft meerdere facetten. Bij een ernstig schadegeval kan bijvoorbeeld een afgevaardigde ter plaatse komen. Hij helpt de verzekerde om de eerste dringende maatregelen te nemen (bv. om niet-beschadigde goederen in veiligheid te brengen).

Vergoeding

Als eigenaar ontvang je een vergoeding op basis van de nieuwwaarde of heropbouwwaarde van het gebouw (of van het beschadigde deel van het gebouw). Hierbij wordt geen rekening gehouden met eventuele slijtage – tenzij die zeer omvangrijk is.

Voorbeeld

Een storm veroorzaakt schade aan het 20-jarige en normaal onderhouden dak van je woning. Het dak vertoont een reële slijtage van 15%. De herstellingsfactuur bedraagt € 2000. De verzekeringsmaatschappij betaalt € 2000 aan de eigenaar, zonder rekening te houden met de slijtage.

Als er schade is aan de inhoud van je gebouw, betalen de verzekeringsmaatschappijen in het algemeen het bedrag dat nodig is voor de wedersamenstelling van de beschadigde goederen. Bepaalde goederen worden echter vergoed in werkelijke waarde (het oorspronkelijk betaalde bedrag verminderd met een percentage dat overeenstemt met de eventuele slijtage. Dit is vaak het geval voor kledij) of in verkoopwaarde (een bedrag dat overeenstemt met de marktwaarde van het goed op de dag van het schadegeval; vaak gebruikt bij juwelen).

Goed om te weten

Alle contracten voorzien in geval van schade een bedrag of een vrijstelling die te uwen laste blijft. Dit geldt voor alle waarborgen, behalve voor de bijstand woning. Deze vrijstelling kan in recente contracten worden omgevormd. Dan betaalt de maatschappij je bijvoorbeeld de volledige schade terug van zodra deze een contractueel vastgelegd bedrag overschrijdt.

Je kunt zich ook verzekeren tegen diefstal van de inhoud, mits betaling van een bijpremie bovenop de brandverzekering.

Tarief

In sommige formules worden de premies berekend op basis van het verzekerde kapitaal voor het gebouw en de inhoud. Andere systemen houden rekening met de oppervlakte van de lokalen of met het aantal plaatsen. De nettopremies worden verhoogd met 15,75% belastingen.

Brandpreventie

In België zijn er jaarlijks 12.000 branden en vallen er meer dan 100 doden aan de gevolgen van brand. Wij geven enkele adviezen om de risico’s op brand gevoelig te verminderen.

Installeer een rookdetector

Brand is vooral ’s nachts gevaarlijk, omdat je tijdens de slaap bedwelmd kunt worden door de giftige rookstoffen. Een rookdetector blijft wel waakzaam en wekt je bij naderend onheil. We raden dan ook aan om er op elke verdieping minstens één te plaatsen. Vermijd de kans op vals alarm door de detector niet in de badkamer, slaapkamer of keuken te plaatsen.

In het Brussels en Waals Gewest zijn rookmelders verplicht. In Vlaanderen zijn ze verplicht voor alle nieuw te bouwen woningen en voor alle woningen waaraan renovatiewerken worden uitgevoerd waarvoor een stedenbouwkundige vergunning vereist is of waarvoor de stedenbouwkundige vergunning wordt aangevraagd.

Wees voorzichtig in de keuken

In de keuken ben je vaak in de weer met vuur en elektrische toestellen. Hou deze veiligheidstips steeds in het achterhoofd om brand te voorkomen.

  • Draai de steel van potten en pannen naar achteren.
  • Laat geen kinderen in de keuken als er iemand aan het koken is.
  • Zet het vuur uit als je een telefoonoproep beantwoordt.
  • Zorg ervoor dat je niet over de snoeren van apparaten kunt struikelen.
  • Synthetische kledij is licht ontvlambaar. Probeer deze stof te vermijden wanneer je aan het koken bent.
  • Probeer een brand niet te blussen met water, maar met een branddeken of desnoods gewoon met een vochtige doek.
  • Laat een frituurketel nooit onbewaakt achter. Ververs de frituurolie minstens om de tien beurten.
  • Als je een gerecht flambeert, doe dit dan niet onder de dampkap.

Roken is schadelijk voor de gezondheid

Roken is niet alleen schadelijk voor de gezondheid. Ongelukjes met aanstekers, lucifers en tabak zijn verantwoordelijk voor 20% van alle woningbranden. Let dus op met een sigaret voor het slapengaan, slecht gedoofde sigarettenpeuken, roken terwijl je een spuitbus in de hand houdt enzovoort.

Houd rekening met de risico’s van elektrische en verwarmingstoestellen

  • Verschillende apparaten die veel stroom gebruiken op één verdeelstekker aansluiten, kan gevaarlijk zijn. Vervang slecht functionerende stopcontacten en schakelaars op tijd.
  • Plaats vazen nooit op elektrische apparaten. De minste waterdruppel kan kortsluiting veroorzaken.
  • Gebruik de stand-by functie enkel wanneer je een toestel eventjes uitzet. Bij langere periodes dreigt het gevaar op oververhitting en kortsluiting. Het is dus beter om de stekker uit het stopcontact uit te trekken.
  • Zorg ervoor dat gordijnen en ander ontvlambaar materiaal niet in aanraking komen met de verlichting of de verwarming.
  • Laat minstens één keer per jaar een schoorsteenveger komen.

Zorg voor blusmateriaal

Hieronder schetsen we drie soorten blusmateriaal die geschikt zijn voor huis-, tuin- en keukengebruik.

  • Een slanghaspel is een soort tuinslang van 20 à 30 m lang die wordt aangesloten op de waterleiding en is opgerold in een haspel. Ze worden vaak geïnstalleerd in appartementsgebouwen. Gebruik de slanghaspel niet bij brand ontstaan door elektrocutie of brand met frituurvetten.
  • Brandblussers kunnen poeder, blusgas of schuim bevatten en zijn meestal na een twintigtal seconden leeg.
  • Een branddeken sluit het vuur af van de buitenlucht. Dit materiaal is geschikt om beginnende brandjes te stoppen of iemand toe te dekken die in brand staat. Een branddeken wordt opgevouwen in een houder die tegen de muur wordt bevestigd.

Vertrouw echter niet blindelings op deze producten: ze zijn enkel bedoeld om beginnende brandjes te blussen. Ze zijn niet alleen snel uitgewerkt, zonder beschermingskledij kunnen ze ook gevaarlijk in gebruik zijn.

Diefstalpreventie

Door enkele simpele voorzorgsmaatregelen te nemen, maak je het mogelijke dieven een stuk moeilijker om in je huis in te breken. Wij geven je graag een aantal tips om je te wapenen tegen ongewenste indringers.

Over sleutels en sloten

  • Sluit je buitendeuren en ramen, ook al ga je maar heel eventjes weg.
  • Heb je een hek of een poort die de toegang tot uw woning afzet? Sluit die dan met een hangslot wanneer je weggaat.
  • Laat je sleutels nooit op een deur of een raam steken.
  • Laat je sleutels niet in je woning of auto rondslingeren. Verberg ze op een plaats waar bezoekers ze niet kunnen zien.
  • Hang geen kaartje met je naam en adres aan de sleutelring.
  • Verstop je sleutels niet op de gekende plaatsen, zoals onder de deurmat, in of achter een bloempot enzovoort.

Afwezig? Laat het niet opvallen!

  • Verwittig familie, vrienden en buren als je gedurende een lange periode niet thuis bent (bv. omwille van vakantie, ziekenhuisopname…).
  • Vraag aan een vertrouwenspersoon om je brievenbus leeg te maken, de rolluiken regelmatig op te trekken en neer te laten, het gras te maaien …
  • Vraag aan de politie om een oogje in het zeil te houden tijdens je afwezigheid.
  • Hang geen bericht aan je deur en spreek geen boodschap in op je antwoordapparaat om te melden dat je afwezig bent.
  • Plaats een tijdschakelaar om verschillende ruimtes in je woning op willekeurige tijdstippen te verlichten.
  • Vermeld niet op Facebook of andere sociale media dat je afwezig bent.
  • Schakel telefonische oproepen in de mate van het mogelijke door naar je gsm of naar een kennis.

Een zichtbare woning

  • Zorg er, indien mogelijk, voor dat je woning niet volledig omheind is door muren, hagen en struiken. Zij kunnen een schuilplaats bieden aan dieven. Je buren kunnen je woning gemakkelijker in de gaten houden als deze goed zichtbaar is.
  • Jouw ramen zijn geen vitrines. Doe je gordijnen dicht. Zo zorg je ervoor dat voorbijgangers je waardevolle voorwerpen niet kunnen zien.

Steek de inbreker geen handje toe

  • Laat buiten geen ladders of andere hulpmiddelen rondslingeren. Verstop deze voorwerpen in de garage of het tuinhuisje en sluit deze bergplaats goed af.
  • Verberg je waardevolle voorwerpen goed of bewaar ze veilig in een bankkluis. Je kunt de aankoop van een vloer- of wandkluis overwegen als je dure voorwerpen thuis wilt bewaren.
  • Geld, cheques, bankkaarten en juwelen bewaar je beter niet allemaal op dezelfde plaats. Verberg ze op verschillende plaatsen die niet voor de hand liggen.

Mechanische preventie: het I3-label

Volgens officiële politierapporten staakt 85% van de dieven zijn poging om in te breken als zij er na drie minuten nog niet in geslaagd zijn om een woning binnen te dringen. Het I3-label is een label voor de inbraakweerstand van gevelelementen (deuren, ramen en sloten) en garandeert een drie minuten durende inbraakweerstand.

Het doel van het I3-label is om particulieren deuren, ramen en sloten ter beschikking te stellen die betaalbaar zijn en om de bouwkundige beveiliging van woningen fors te verbeteren.

Pas als de gevelelementen aan een aantal strikte normen voldoen, worden ze door een laboratorium met het I3-label beloond.

Elektronische preventie: het INCERT-label

Een elektronisch alarmsysteem heeft vooral een ontradend effect. Een poging tot inbraak gaat niet onopgemerkt voorbij wanneer de alarmbel rinkelt. Bovendien werkt het als afschrikmiddel voor dieven.

Er bestaat een onderscheid tussen perimetrische beveiliging (van deuren en/of ramen) en volumetrische beveiliging (waarbij elke beweging in een hele ruimte gedetecteerd wordt). In beide gevallen zijn de detectoren aangesloten op een meldkastje. Als het systeem een inbraak vaststelt, brengt het een geluidssignaal voort (binnen- en buitensirene) en/of stuurt het een extern signaal naar een centrale meldkamer.

Het INCERT-label garandeert de kwaliteit van de alarmsystemen en de installatie ervan. De kwaliteitsnormen voor het INCERT-label zijn strenger dan de wettelijke eisen voor alarmsystemen.

Elke alarminstallatie moet hoe dan ook aan een aantal wettelijke verplichtingen voldoen om een zekere kwaliteit te waarborgen. Zo moet de installateur je een ‘gebruikersboekje’ overhandigen dat conform het wettelijke model is, moet je het alarmsysteem binnen de vijf dagen aangeven bij de korpschef van de lokale politie, en moet je een onderhoudscontract sluiten met een beveiligingsonderneming...

Er is bij je ingebroken? Help, wat nu?

In geval van diefstal moet je kunnen bewijzen dat er bij je is ingebroken. Het volstaat niet om te verklaren dat er voorwerpen verdwenen zijn. Daarom moet je kunnen aantonen dat de gestolen voorwerpen daadwerkelijk van jou waren. Je moet ook de waarde van die voorwerpen op de dag van de diefstal meedelen.

Daarom heb je er alle belang bij om nu al een dossier samen te stellen. Hou een lijst bij van je waardevolle voorwerpen, met vermelding van het merk, het type, de aankoopdatum en de aankoopwaarde en vul die lijst indien nodig aan. Zo vermijd je een pak stress als je een eventuele inbraak moet aangeven bij je verzekeraar. Bewaar dus steeds de aankoopfactuur van waardevolle voorwerpen, het certificaat van waarborg en echtheid, foto’s, een notariële akte met de inventaris van geërfde voorwerpen... Zo kun je steeds het bestaan en de waarde van verdwenen goederen aantonen.

  • Laat de politie een proces-verbaal opstellen en vraag een ontvangstbewijs van de aangifte.
  • Verwittig je verzekeringsonderneming zo snel mogelijk. Bezorg het ontvangstbewijs aan de verzekeraar. Bezorg hem een lijst van de gestolen voorwerpen, met indien mogelijk ook een raming van de waarde en een gedetailleerde beschrijving van de schade aan de woning.
  • Neem alle redelijke maatregelen om een tweede inbraak te vermijden. Vervang bijvoorbeeld het gekraakte slot.
  • Hou alle bewijsstukken i.v.m. de inbraak bij voor je verzekeraar (bv. gekraakt slot, bestekken van dringende herstellingen).

Fiscaliteit

Ben je eigenaar of huurder en wil je jouw woning beter beveiligen? Dan kan je voor die uitgaven een belastingvermindering krijgen. De vermindering is gelijk aan 30% van de uitgaven met een maximum van € 760 voor het aanslagjaar 2014. Ze is geldig voor de uitgaven die in de loop van 2014 gedaan werden.

Hier kun je meer informatie en een lijst terugvinden van de uitgaven die in aanmerking komen voor een betere beveiliging tegen diefstal en brand.