Beleggingen en pensioen

Om ook later van dezelfde levensstandaard te genieten, jezelf én je naasten, voorzie je best (tijdig) een appeltje voor de dorst. Maar wat is voor jou het interessantst: een individuele levensverzekering of pensioensparen? Of allebei? En welke formules heb je allemaal? We zetten het even op een rijtje.

Levensverzekering

In een levensverzekeringscontract kun je twee hoofdwaarborgen verzekeren. De hoofdwaarborg kapitaal overlijden voorziet een kapitaal bij overlijden van de verzekerde vóór de einddatum van het contract. Het pensioenkapitaal voorziet een kapitaal op de einddatum van het contract indien de verzekerde in leven is. Beide opties kunnen in het levensverzekeringscontract worden opgenomen.

Pensioensparen

Door de veroudering van de bevolking en de lage activiteitsgraad van oudere werknemers komen de wettelijke pensioenen onder zware druk te staan. Daarom hebben we een aanvullende pensioenopbouw nodig, via de onderneming of individueel. We kunnen de pensioenkapitalen op maat van de onderneming of van het individu opmaken. Zo kun je uit een ruim gamma kiezen: de klassieke levensverzekeringen, de Universal Life-verzekeringen en de Unit Linked-verzekeringen zijn de drie meest voorkomende keuzes.

Overlijdensverzekering

Het contract van de overlijdensverzekering voorziet in de uitkering van een kapitaal als je overlijdt vóór de einddatum van het contract. Er bestaan drie soorten overlijdensverzekering: de levenslange verzekering, de tijdelijke verzekering en de schuldsaldoverzekering.

Levensverzekering: fiscaliteit

De fiscus voorziet een aantal fiscale voordelen voor de klassieke levensverzekeringsvormen en de Universal Life-contracten. Zo moedigen ze mensen aan om te sparen voor een aanvullend pensioen. De levensverzekeringen gekoppeld aan beleggingsfondsen komen voorlopig niet in aanmerking voor deze stimuli.

  • Als particulier kun je drie premies in je belastingsaangifte inbrengen: de premie in de klassieke fiscale vrijstelling (max. € 2280 voor het inkomstenjaar 2014, afhankelijk van het bedrijfsinkomen), de premie voor het pensioensparen (max. € 940 voor het inkomstenjaar 2014) en de persoonlijke bijdrage in een collectieve pensioentoezegging (groepsverzekering; het bedrag is afhankelijk van het inkomen). De fiscale winst kan tussen de 30% en 40% bedragen van de betaalde premie (verbeterde gemiddelde aanslagvoet).
  • Als zelfstandige kun je bovendien deelnemen aan het VAPZ (vrij aanvullend pensioen voor zelfstandigen). De premie is afhankelijk van je inkomen en bedraagt max. € 3.027,09 (premie 2014). Je kunt de premie aftrekken als sociale bijdrage en zo een dubbele winst genereren: een fiscale winst aan de marginale aanslagvoet en een vermindering van de toekomstige sociale bijdragen.

  • Een onderneming met rechtspersoonlijkheid kan voor haar zelfstandige en loontrekkende medewerkers een individuele of een collectieve pensioentoezegging onderschrijven. De onderneming betaalt dan de premies voor een aanvullende pensioenopbouw voor haar medewerkers. De 80%-regel bepaalt dat de pensioenkapitalen begrensd zijn tot 80% van het laatste inkomen.

  • Een onderneming zonder rechtspersoonlijkheid kan hetzelfde doen ten voordele van haar loontrekkende medewerkers. Het pensioenkapitaal wordt eveneens beperkt door de 80%-regel. Doordat de premies als bedrijfskost aftrekbaar zijn voor de onderneming, verminderen ze de belastbare winst.

Levensverzekering: belegging

Levensverzekeringscontracten kunnen ook dienstdoen als belegging. Bij een dergelijk contract ben je als verzekeringnemer eigenaar van het contract. Als je overlijdt vóór de einddatum of in leven bent op de einddatum, geeft dat aanleiding tot een uitkering. De in het contract aangeduide begunstigde ontvangt dan de voorziene kapitalen.

Hieronder sommen we een aantal goede redenen op om te beleggen in een levensverzekeringscontract.

  • De constructie met de verzekeringnemer en de begunstigde laat je toe om aan successieplanning te doen. Bij je overlijden worden de gelden die uit het contract voortvloeien aan de begunstigde overgemaakt. Die verwerft dan een persoonlijk recht op het kapitaal. Dit betekent dat eventuele schuldeisers geen enkele aanspraak meer kunnen maken op het aan de begunstigde uitgekeerde kapitaal.
  • Je mag zelf een begunstige aanduiden maar ook herroepen. Je blijft dus baas over het contract.
  • Als je het contract verliest (bv. door brand) kun je – op eenvoudig verzoek – een geldende kopie krijgen van de verzekeraar.
  • Je nabestaanden zijn financieel beschermd door het contract. De verschuldigde kapitalen zullen namelijk aan de begunstigde worden uitgekeerd, onafhankelijk van de duur van de belegging of van de rentevoet.
  • Het levensverzekeringscontract is fiscaal gunstig. In de vastrentende producten (zoals de verzekeringsbon) kan de roerende voorheffing van 15% vermeden worden als er aan bepaalde voorwaarden is voldaan. Er is geen roerende voorheffing voor de levensverzekeringen gekoppeld aan beleggingsfondsen.